Hieronder vind je de vragen die het meest worden gesteld via Tiktok en Youtube.Â
Gebruik "Ctrl+F" om te zoeken naar jouw onderwerp. Bijvoorbeeld, hou Ctrl+F tegelijk ingedrukt en type "baanstraal" om alle veelgestelde vragen te krijgen over baanstralen.Â
De data voor de eindexamentraining worden nog bekend gemaakt. Dit gaat om VWO en HAVO, jaarlaag 2026-2027. Ze zijn live te volgen via youtube.
Stop! Leg alles neer! Eerst even rustig ademhalen, want in 3 dagen kan je meer leren dan je denkt. Je moet het alleen wel slim aanpakken. Dat betekent gÊÊn samenvattingen meer maken/lezen en gÊÊn opgaves meer uit je boek maken. Focus in plaats daarvan op mijn examentrainingen/-lessen, of andere examenvideo's op youtube. Maak daarbij oude examenvragen, en uiteindelijk het liefst hele examens. Begin bij de meest nieuwe (2026-I en 2026-II) en werk naar de oudere examens toe.
Onthou dit: Elk examen dat je maakt en goed nakijkt, zorgt ervoor dat je volgende examen weer wat beter gaat! Met alleen maar onvoldoendes bij het oefenen kun je alsnog een voldoende halen op het echte examen.
Zie planeten even als knikkers op een veld, allemaal met verschillende groottes.
De 'straal (equator)' is de afstand van het midden van de knikker, tot de buitenkant van die knikker. Voor een grotere knikker ligt zijn buitenkant verder van z'n midden, dus een grotere knikker heeft een grotere 'straal (equator)'.
De 'baanstraal' is de afstand van de knikkers tot het ding waar ze omheen draaien. Onze knikkers draaien natuurlijk om de zon. Dus Pluto, die heel ver weg van de zon staat, heeft een grotere 'baanstraal' dan Mercurius, die juist heel dichtbij staat.Â
Let op: Manen draaien niet om de zon maar om een planeet. De 'baanstraal' van onze maan is dus de afstand van de maan tot de aarde, want de maan draait om de aarde en niet om de zon!
Een opgave goed maken begint vaak bij herkenning.Â
Je leest de situatie, bekijkt de plaatjes, en je kan al gelijk plaatsen in welk domein deze vraag waarschijnlijk thuishoort.
Je leest de vraag heel aandachtig en snapt welke grootheid je moet gaan berekenen.
Je checkt in de vraag of je plaatjes/grafieken uit de tekst moet gebruiken.
Als de plaatjes/grafieken + je algemene kennis samen niet genoeg zijn, zoek je in de BiNaS naar formules die de grootheid bevatten die je moet gaan berekenen.
Je kiest de formule waarvan je het meeste kan invullen met gegevens uit de tekst/grafieken.
Om overzicht te houden schrijf je eerst de gegevens op, dan de formule en dan wat gevraagd is. Ook schrijf je de formule eerst om voor je hem invult, om tussentijdse rekenfouten te voorkomen.
Let op: Het klinkt makkelijker dan het is, maar blijf oefenen en je gaat steeds meer vragen op kunnen lossen!
Plus en min: Pak het kleinste aantal decimalen na de komma. Dus:
2,31 + 3,4 - 4,761 â 0,9
Keer en delen door: Pak het kleinste aantal cijfers. Dus:
19 * 5,43 / 2,121 â 49
Let op: Significantie is alleen belangrijk als het gevraagd wordt!
Ja, eentje:
m = 1 u * M * N
Hierin is:
m de massa (kg)
1u de atomaire massa-eenheid (1u = 1,6605 * 10^-24)
M het massagetal
N het aantal deeltjes
Tenslotte is ook het begrip 'Geostationaire baan' belangrijk, want als dit in de opgave staat weet je dat:
Omlooptijd T = 24 uur
Ja, eentje:
m = 1 u * M * N
Hierin is:
m de massa (kg)
1u de atomaire massa-eenheid (1u = 1,6605 * 10^-24)
M het massagetal
N het aantal deeltjes
Tenslotte is ook het begrip 'Geostationaire baan' belangrijk, want als dit in de opgave staat weet je dat:
Omlooptijd T = 24 uur